|
|
| |
|
| |
|
| |
Kredietcrisis |
|
|
Met de kredietcrisis wordt de crisis op de financiële markten aangeduid die ontstond in de zomer van 2007. De belangrijkste oorzaak van deze crisis was de stagnerende huizenmarkt in de Verenigde Staten. Sommige banken bundelde op grote schaal hypotheken en verkochten deze als obligaties. Deze zogenoemde subprimes werden in een hoog tempo minder waard waardoor veel banken in de problemen raakten.
Doordat onduidelijk was om welke banken het precies ging, ontstond een wantrouwen op de markt en wilden banken elkaar geen geld meer lenen en ingrepen van de centrale banken bleken noodzakelijk. Vanaf oktober 2008 werden op grote schaal banken geheel of gedeeltelijk overgenomen door de staat. In Nederland gebeurde dit met Fortis.
De achterliggende oorzaken van de kredietcrisis zijn behoorlijk complex, waardoor het moeilijk is een volledig beeld van de situatie te krijgen. Daarom richten veel artikelen en analyses zich slechts op bepaalde onderdelen van de crisis.
De term kredietcrisis dekt eigenlijk ook niet volledig de lading. Er was namelijk ook sprake van beperkte beschikbaarheid van liquiditeiten en (lang lopend) kapitaal. Er kan op een aantal momenten zelfs gesproken worden van een algehele vertrouwenscrisis in de financiële sector.
In 2010 was de kredietcrisis formeel al wel voorbij maar ontstond opnieuw onrust. Ditmaal over de financiële positie van een aantal overheden. Dit leidde in april 2010 tot een crisis rond Griekse overheidsfinanciën en ook landen als Portugal en Spanje dreigde in een financiële crisis terecht te komen. Op 10 mei 2010 presenteerde de EU-ministers van Financiën een reddingsplan van 500 miljard euro.
|
|
|